webdesign JMA - bezoek onze website


De eerste en meest essentiële verplichting is dat elke medeëigendom beheerst moet worden door een basisakte en een reglement van medeëigendom. Daarnaast is men vrij om al dan niet een huishoudelijk reglement op te stellen.

Is er geen basisakte en/of reglement van medeëigendom (of zijn ze er wel maar zijn de bepalingen hierin onduidelijk of tegenstrijdig), dan voert de wet een wettelijk vermoeden in dat als volgt luidt : "Alle gedeelten van gebouwen of gronden die tot het gebruik van alle medeëigenaars of van enkelen onder hen bestemd zijn, worden geacht gemeenschappelijk te zijn". In het eerste geval (alle eigenaars) spreekt men van een "algemene onverdeeldheid", in het tweede geval (enkelen onder hen) van een "bijzondere onverdeeldheid".
Voorbeelden van een bijzondere onverdeeldheid : de liften die enkel de verdiepingen - en niet de gelijkvloerse verdieping - bedienen; de centrale verwarmingsinstallatie voor één bepaalde vleugel van het gebouw, een voetgangerstoegang tot een garagegedeelte in een gebouw, enz.

Inhoud van de basisakte

In de basisakte moet het volgende staan :

  1. Een beschrijving van het onroerend goed en van de private en gemeenschappelijke delen;
  2. De bepaling van het aandeel van de gemeenschappelijke delen dat aan ieder privatief deel is verbonden, rekeninghoudend met de respectievelijke waarde ervan.

De rechter kan aldus de verdeling van de kwotiteiten controleren en eventueel wijzigen indien blijkt dat er een te grote onevenredigheid bestaat tussen de quotiteit in de gemeenschap en de waarde van het privatief deel. Uiteraard mag van deze mogelijkheid geen misbruik gemaakt worden en mogen enkel flagrante onevenwichten worden rechtgezet.

Inhoud van het reglement van medeëigendom

Het reglement van medeëigendom moet bevatten :

  1. De rechten en plichten van iedere medeëigenaar betreffende de privatieve en gemeenschappelijke delen;
  2. De criteria en de berekeningswijze van de verdeling van de lasten;
  3. Alles i.v.m. de algemene vergadering;
  4. Alles i.v.m. de syndicus.

De basisakte en het reglement van medeëigendom vormen samen de statuten van het gebouw, zoals we die kennen bij vennootschappen en verenigingen. Artikel 577-4,§ 1 bepaalt dat de basisakte en het reglement van medeëigendom in een authentieke akte verleden moeten worden. Dit impliceert dus telkens de tussenkomst van een notaris en een overschrijving op het hypotheekkantoor.
Artikel 577-4, § 3 verbiedt uitdrukkelijk een clausule in de statuten waarin het recht van een medeëigenaar wordt beperkt om het beheer van zijn kavel aan iemand anders toe te vertrouwen. Een clausule waarin staat dat bijvoorbeeld alleen de syndicus het beheer van een appartement mag waarnemen, wordt als onbestaande beschouwd.